| Er moet een bepaald evenwicht zijn
tussen verstand en levenslustigheid om voorwaarts te kunnen gaan.
Het louter verstandelijke leidt tot starheid en het binnen bepaalde
grenzen denken. Dit kan ook niet leiden tot verlegging van grenzen.
Het afwezig zijn van een speelsere manier, duidt op de aanwezigheid
van twijfel binnen die persoon. Hij durft die grenzen niet over.
Vaak durft hij er zelfs niet eens aan te denken.
Daarnaast moet er ook een balans zijn tussen het vrouwelijke en
het manlijke in ieder van ons. Maar vaak is het zo dat de man bang
is voor het vrouwelijke en de vrouw moeite heeft met het manlijke.
Onder het vrouwelijke wordt verstaan het openlijke, het gevoelsmatige
en het intuïtieve. Onder het manlijke het overtuigende, het
zelfverzekerde. Vooral de man houdt afstand van het vrouwelijke,
om zijn innerlijke drang voor het vrouwelijke te onderdrukken. Dit
is niet alleen ten opzichte van andere mannen, maar ook ten opzichte
van hemzelf. De gedachte "niet-manlijk" of homoseksueel
te zijn beangstigd hem.
Maslow is van mening dat agressie en andere negatieve verschijnselen
of neigingen daartoe, minder worden als de geestelijke situatie
verbetert. Dan hoeft men ook niks meer te onderdrukken, want het
de neigingen zijn er dan niet meer.
Door psychotherapie is deze situatie te verbeteren. Hij vermoedde
ook dat het zich kunnen uiten door middel van woorden een middel
is om agressieve neigingen te verminderen. Daardoor gaat men meer
richting naar zelf-actualisatie.
Een andere constatering van Maslow is dat veel mensen over het algemeen
weinig echte vrienden hebben waarbij men zichzelf kan zijn en men
zich openlijk kan uiten. Het huwelijk valt hier ook onder. |